Het lievelingstaartje van Brigitte Bardot: La Tarte Tropézienne

News

Alexandre Micka, banketbakker van Poolse afkomst, komt in 1952 aan in de Provence en besluit een bakkerij te openen in Saint-Tropez . Hij neemt het recept van zijn grootmoeder mee voor een brioche slagroomtaart uit Polen. Als in 1955 de film Et Dieu… créa la femme van Roger Vadim opgenomen wordt in Saint-Tropez, is Alexandre Micka verantwoordelijk voor het bereiden van de maaltijden voor het team. Hier presenteert hij dan ook zijn taart. Brigitte Bardot stelt hem voor om het “tarte tropézienne” te noemen. Wie kan haar nu wat weigeren? De banketbakker kiest voor deze naam en dient meteen het handelsmerk en het fabricageoctrooi met hulp van zijn vriend Albert Dufrêne in. De receptuur is dan ook nog steeds geheim.Slechts drie mensen kennen het. En de kartonnen cirkel waarop Alexandre Micka het schreef is verborgen in een metalen doos die in een kluis wordt bewaard. Albert Dufrêne, kent het als geen ander, dat spreekt.

Na het overlijden van Micka neemt Dufrêne het stokje over. Hij pakt het vol verve aan, hij automatiseert de productieprocessen en zorgt zo voor zo’n 2000 tarte trops per dag. In binnen en buitenland geniet men van deze zuid franse brioche. Op historische top tussen Donald Trump en Kim Jung-un in Singapore.

Neem eens een kijkje in de drie verdiepingen tellende winkel in St. Tropez op de Places des Lices. Of ga naar één van de andere 28 winkels in Frankrijk en één in Dallas. Klik hier voor informatie.

En wie zelf een keer een Tarte Trop wil maken hebben we hier een recept, weliswaar niet het origineel, maar het doet niet onder voor de echte!

Ingrediënten

Voor de brioche:

  • 200 gr patentbloem
  • 35 gr suiker
  • 80 ml halfvolle melk, lauwwarm
  • 1 eidooier
  • 60 gr roomboter, op kamertemperatuur en in kleine stukjes
  • 3 gr gedroogde gist
  • snuf zout
  • ½ theelepel oranjebloesemwater (fleur d’oranger) 
  • 1 ei losgeklopt
  • 25 gr greinsuiker

Voor de vulling:

  • 2 eidooiers
  • 250 ml melk
  • ½ vanillestokje
  • 35 gr suiker
  • 30 gr maïzena
  • 100 ml slagroom + een beetje suiker
  • 10 gr roomboter op kamertemperatuur
  • 1 theelepel poedersuiker
  • water, suiker en oranjebloesemwater naar smaak

Voor de brioche:

  1. Doe de bloem, suiker en een snuf zout in een kom en meng goed. Voeg dan de gist toe, meng goed en schep er de stukjes boter voorzichtig door. Voeg dan de eidooier, melk en fleur d’oranger toe en kneed met de deeghaken van je mixer tot een zacht en soepel deeg. Bestuif een schaal met een beetje bloem, leg het deeg erin en dek af met plasticfolie. Laat het deeg op het aanrecht gedurende een uur rijzen.
  2. Na een uur haal je het deeg uit de schaal en kneed je het op het werkblad snel even door. Neem dan het deeg in je handen en rek dan het deeg voorzichtig op door het als een stukje kauwgom uit elkaar te trekken -let op dat het niet scheurt-, vouw het dubbel en draai het deeg een kwartslag en herhaal dit een aantal keer. Je voelt dat het deeg steeds meer weerstand krijgt en dat is ook precies de bedoeling. Leg het deeg terug in de schaal en laat nog eens een uur rijzen.
  3. Bestuif een bakblik met wat bloem en leg het deeg erop. Druk het deeg voorzichtig uit tot een plak van ø 22 cm. Dek af met een theedoek en laat nog eens 45-60 minuten rijzen.
  4. Bestrijk de deegplak met losgeklopt ei en bestrooi met de greinsuiker. Schuif de bakplaat in het midden van een op 180°C conventioneel voorverwarmde oven en bak in ± 20 minuten gaar en goudbruin. Haal de brioche uit de oven en laat afkoelen op een taartrooster.

Voor de vulling:

  1. Snij het vanillestokje middendoor, schraap het merg eruit en doe merg èn stokje samen met de melk in een pannetje. Breng aan de kook en laat ongeveer 20 minuten zachtjes trekken.
  2. Klop de dooiers samen met de suiker los en roer de (gezeefde) maïzena er voorzichtig door. Zorg dat er geen klontjes inzitten.
  3. Haal het vanillestokje uit de melk en giet de hete melk al roerend en beetje bij beetje bij de eidooiers. Blijf goed roeren om te voorkomen dat de eidooiers stollen.
  4. Giet het eimengsel terug in de pan en verwarm al roerend tot een dikke vla. Dit duurt een paar minuten.
  5. Haal de banketbakkersroom van het vuur en giet in een schaal. Om te voorkomen dat er tijdens het afkoelen een vel ontstaat dek je de room strak af met een stuk plasticfolie. Laat de banketbakkersroom volledig afkoelen.
  6. Roer met een vork de poedersuiker en roomboter tot een mooie gladde crème.
  7. Als de banketbakkersroom volledig is afgekoeld stort je ‘m in een kom. Roer los, schep de roomboter erbij en roer tot een luchtige crème.
  8. Klop de slagroom samen met de suiker net aan stijf en schep door de banketbakkersroom.
  9. Kook wat water met suiker en oranjebloesemwater tot een licht zoete siroop en laat afkoelen.

Voor de opbouw:

  1. Snij de brioche horizontaal doormidden en besprenkel beide snijvlakken met wat van de licht zoete siroop.
  2. Verdeel de vulling over de onderste helft, plaats de bovenste helft terug en druk iets aan.
  3. Leg de Tarte Tropézienne op een bord en laat in de koelkast nog even opstijven. Snij voor het serveren in punten.Bon appétit!

Persoonlijk advies?

Persoonlijk advies bij het vinden van een huis? Wij denken graag met u mee.